Little Tokyo

Foto’s: VihU

Wij logeren hier in Düsseldorf in een wijk die “Little Tokyo” wordt genoemd. Veel grote steden, overal ter wereld hebben een Chinatown, hier in Düsseldorf is het juist een wijk met een hoge concentratie Japanse winkels en restaurants. Inmiddels hebben wij gemerkt dat veel Japanse toeristen dat aantrekkelijk vinden en hier in deze wijk hun verblijf boeken. De liefde voor Japan gaat zelfs zo ver dat een aantal straatnamen niet alleen in het Duits, maar ook in het Japans worden aangegeven.

Dat brengt alles bij elkaar een aparte sfeer in de wijk, die zonder meer aangenaam is. In vrijwel alle Japanse zaken mag je geen foto’s maken of filmen en in de handhaving zijn ze vrij fanatiek. Één en ander zal waarschijnlijk te maken hebben met de “TikTok-rijen” die we helaas ook hier al zijn tegengekomen.

Deze twee foto’s, die ik heb gemaakt in een Japans streetfood restaurant waar wij zaten te lunchen heb ik dan ook stiekem gemaakt, met gevaar voor eigen leven, dat zult u begrijpen beste lezer. Voor je het weet heb je een Japanse chef met een groot hakmes achter je aan als ze je betrappen 😉 de foto’s zijn hierdoor wel een beetje uit balans geraakt.

Een andere factor die de sfeer in deze wijk bepaald is helaas minder fraai, en dat is het hoge aantal verslaafde daklozen die hier in het rondte lopen. De grootste concentratie bevindt zich rondom het centraal station, maar ze waaieren uit over de hele wijk. Vooralsnog hebben we er niet veel last van omdat ze zich vooral op zichzelf en hun verslaving richten, maar het maakt wel dat je een hand op je portemonnee houdt als je naar buiten gaat. Er wordt dan ook gewaarschuwd voor zakkenrollers en er rijdt veel “polizei” door de wijk. Maar ach, laten we wel wezen, in Amsterdam moet je ook een hand op je beurs houden nietwaar?

Nou mag ik graag in de keuken staan dus heb ik uit praktische overweging meteen zelf ook maar een Japans keukenmes aangeschaft. Mijn reisgezelschap vond het alleen niet zo’n goed idee dat ik er zwaaiend mee over straat liep, dus die heb ik maar weer veilig in de koffer opgeborgen. Tot zover mijn eigen bijdrage aan de sfeer hier.

De perfect modus

Illustratie: DessinDestin

Godzijdank, het is tweede kerstdag. “De eerste heb ik gelukkig overleefd” dacht hij bij zichzelf. Eerste kerstdag zijn de mensen nogal stijfjes in het restaurant. Dan lijkt het wel alsof iedereen in de “alles moet perfect zijn” modus staat. Hij kon er geen muzieknootje naast zitten of hij ving wel een boze blik. Tweede kerstdag is de sfeer altijd losser. Klanten doen eerder hun stropdas af zeg maar. Bovendien heeft Anita dienst vandaag en dat scheelt ook een slok op een borrel. Hij hoefde maar naar haar te knipogen of er stond weer een glas wijn naast zijn keyboard. Het kan haast niet anders of zij heeft stiekem een oogje op hem. Ergens vindt hij haar ook wel leuk. Zeker als het wat later op de avond is, dan valt dat glazen oog niet meer zo op. Uiteindelijk is niemand perfect nietwaar? Soms moet je een oogje toeknijpen bedacht hij zichzelf terwijl hij in zijn bladmuziek zat te bladeren. “In het nieuwe jaar moet ik misschien toch maar eens contact zoeken met kolonel Von Streum” schoot het door zijn hoofd. Hij had gelezen dat deze manager goede zaken deed in de culturele sector op de weblog van Suske. Hij was eigenlijk wel in voor wat meer “rock ’n roll” in zijn leven. En wellicht kan Pretstael een toetsenist gebruiken als hij weer is bijgekomen, wie zal het zeggen? Hij controleerde zijn mobieltje, het nummer van Von Streum stond er nog in. Okay, “Driving home for Christmas”, altijd een goede opener, hij draait zijn volumeknop open en slaat de eerste akkoorden aan, tweede kerstdag kan beginnen.