
Gisteravond even heen en weer naar Rotterdam. Dan kan je onderweg nog eens een plaatje schieten. De bijrijder dan, iemand moet natuurlijk wel met de handjes aan het stuur blijven zitten. Het was rustig op de vluchtstrook.

Gisteravond even heen en weer naar Rotterdam. Dan kan je onderweg nog eens een plaatje schieten. De bijrijder dan, iemand moet natuurlijk wel met de handjes aan het stuur blijven zitten. Het was rustig op de vluchtstrook.

Godzijdank, het is tweede kerstdag. “De eerste heb ik gelukkig overleefd” dacht hij bij zichzelf. Eerste kerstdag zijn de mensen nogal stijfjes in het restaurant. Dan lijkt het wel alsof iedereen in de “alles moet perfect zijn” modus staat. Hij kon er geen muzieknootje naast zitten of hij ving wel een boze blik. Tweede kerstdag is de sfeer altijd losser. Klanten doen eerder hun stropdas af zeg maar. Bovendien heeft Anita dienst vandaag en dat scheelt ook een slok op een borrel. Hij hoefde maar naar haar te knipogen of er stond weer een glas wijn naast zijn keyboard. Het kan haast niet anders of zij heeft stiekem een oogje op hem. Ergens vindt hij haar ook wel leuk. Zeker als het wat later op de avond is, dan valt dat glazen oog niet meer zo op. Uiteindelijk is niemand perfect nietwaar? Soms moet je een oogje toeknijpen bedacht hij zichzelf terwijl hij in zijn bladmuziek zat te bladeren. “In het nieuwe jaar moet ik misschien toch maar eens contact zoeken met kolonel Von Streum” schoot het door zijn hoofd. Hij had gelezen dat deze manager goede zaken deed in de culturele sector op de weblog van Suske. Hij was eigenlijk wel in voor wat meer “rock ’n roll” in zijn leven. En wellicht kan Pretstael een toetsenist gebruiken als hij weer is bijgekomen, wie zal het zeggen? Hij controleerde zijn mobieltje, het nummer van Von Streum stond er nog in. Okay, “Driving home for Christmas”, altijd een goede opener, hij draait zijn volumeknop open en slaat de eerste akkoorden aan, tweede kerstdag kan beginnen.

Een vertrek in mijn meditatiehuis om rustig te zitten, overdenken en schrijven.


Het is weer even uitkijken als je door de tuin loopt. Voor je het weet zit je onder plakkerig web. En dat is toch zonde van alle inspanning die onze kleine vriendjes hier in hebben gestoken. Als een ander jouw broodtrommel vernielt zou je het immers ook niet leuk vinden?


Ik heb even snel de maan getekend voordat er copyright op wordt aangevraagd. Dan mag het niet meer. Je weet maar nooit. De maan is van de heksen, dat weet iedereen. Die willen niets weten van copyright. Waarschijnlijk zijn ze boos. Net als de maan. Alsof het niet al erg genoeg is dat we van moeder aarde een bende maken, laten we nu ook allemaal troep in het universum achter. De maanrace tussen grootmachten zal waarschijnlijk claims gaan opleveren die uiteindelijk in een ruimteoorlog zal uitmonden. Ik voorspel het u. De bezitterigheid van sommige mensen kent namelijk geen grenzen. Grootheidswaanzin regeert waar nederigheid op zijn plaats zou moeten zijn en respect is nergens te bekennen. Het wordt hoog tijd dat we vliegen naar de maan verbieden, tenzij het op een bezemsteel is.


Zoals u aan dit portret van mij, net gemaakt door Monique, kunt zien beste lezer, houd ik mij aan het advies van Ruben. Ik heb uiteraard geen staart, dus alleen mijn vinger beweegt momenteel. Het is op deze manier wel uit te houden.

Ik moet zeggen, we hebben het redelijk onder controle momenteel. Ze zijn er wel, maar met mate. Je probeert de boel zo schoon mogelijk te houden. Fruit in de koelkast enzo. Maar door die extreem warme zomer hebben die fruitvliegen de grootste lol met elkaar. Nog een reden om deze zomer zo snel mogelijk gedag te zeggen.