Zo, ik rijd weer fris in het rond. Iets hield mij altijd tegen om te blijven zitten tijdens het wassen. Toch maar eens gedaan. Beetje kinderachtig wellicht, maar ik vond het wel vermakelijk.
Uit- inboedel

Nou woon ik in een buurt waarbij je nog wel eens iets tegenkomt op straat. In de zin van “gooi de zooi maar naar buiten, een ander ruimt het wel op”. Maar een compleet interieur waarbij het serviesgoed nog op tafel staat vestigd deze ochtend toch wel het record. Dat ben ik nog niet eerder tegengekomen. Je afval niet scheiden en gewoon maar op straat pleuren is natuurlijk de gemakkelijkste weg. Het is niet netjes, maar ik wil toch voorzichtig zijn om dit te veroordelen. Toen ik er omheen liep bekroop mij het gevoel dat hier wel eens een heel triest verhaal achter kan schuilen.

De Familie

De toekan zat te balen op zijn tak. Dat is begrijpelijk als je imago te grabbel wordt gegooid door een familie valken.
Ir. H. Steuerknüppel #9

Ir. H., maar dan net even anders getekend.
Zwolle

Vroeger? Vroeger zongen de Vopo’s al dat er geen reet te doen was in Zwolle. Maar nu zetten ze zichzelf in Zwolle internationaal op de kaart beste lezer. De mannen van de Vopo’s, die heel af en toe nog reüneren zullen hun liederlijke teksten na al die jaren alsnog moeten aanpassen. Ach ja, de tijd staat niet stil. Mocht u interesse hebben is hier hun gehele album “Dead Entertainment” uit 1981. Ik sla dit stukje jeugdsentiment zelf even over.
Curator

De inktbakken zijn leeg, de handschoenen liggen doelloos op de werkvloer. Het is een vreemde werkweek geweest. Drukkerij failliet, ontslagbrief gekregen en vervolgens door moeten blijven werken onder het bewind van de curator. Ik ben één van degenen die in een klein groepje op kantoor de losse eindjes moeten wegwerken en de curatoren moeten voorzien van de cijfers. Ondertussen lopen potentiële opkopers in en uit. Waar altijd bedrijvigheid heerste en drukwerk werd geproduceerd hangt nu een doodse stilte. Vreemd om in te moeten werken, maar ergens ook wel prettig. Ik zie het als rustig afbouwen en een mooie periode afsluiten. We gaan zien wat de toekomst brengt. Op internet staat hierover inmiddels een bericht op PrintMatters. En nu eerst het weekend in.

Graffiti

Failliet

Lege stoelen in de kantine. Zo schrijf je hier een stukje over de Grafische Industrie, zo krijg je te horen dat de drukkerij waar je werkt failliet is. In deze stoelen zaten wij toen wij dit om 12:00 uur te horen kregen. Het kan verkeren. De komende tijd zal vreemd zijn. Even rustig de tijd nemen voor bezinning op de toekomst. Wat overigens niet betekent dat hier een pauzebordje op het weblog wordt gehangen. “The blog must go on” weetjewel. Wij lezen elkaar later.
Ben je kaal?

Of heb je een baal? Ze wist nog dat Jeroen van Inkel er in zijn uitzendingen een item van maakte. Met een stevige knipoog natuurlijk. Dat kan je aan Jeroen wel overlaten. Landingsbanen, pornostreepjes, kaal, het was allemaal niet meer bij te houden. “Misschien moet ik eens stoppen met lezen van de Linda en Viva over al dat zogenaamde modieus lichamelijk onderhoud” ze werd alweer moe bij de gedachte.”Ik heb eigenlijk geen idee wat de trend is momenteel” bedacht zij zichzelf terwijl ze glimlachend in de Blokker de verschillende scheerapparaatjes stond te bekijken. “Liever zo’n apparaatje dan een Brazilian wax, dat lijkt me zo pijnlijk” ze kneep haar billen samen bij de gedachte. Niets voor haar. Plots bekroop haar de gedachte dat het een steeds terugkerende klus zou gaan worden als haar date van vanavond goed zou uitpakken. “Wat een gedoe, net als bij een sollicitatie gesprek kan je maar beter jezelf blijven”, bedacht zij zichzelf. “Anders wek je maar valse verwachtingen”. Ze legde de tondeuse terug in het rek. Het was wel goed zo. Hij moest haar maar respecteren zoals ze was. Bovendien was ze als kind al gek op verstoppertje spelen.
Stahlhelm

Soms zijn een paar penseelstreken genoeg om een plaatje af te krijgen. Bovenstaande is daar een voorbeeld van, als je er meer aan toe zou voegen kan je het alleen maar verprutsen. “Ostfront” heb ik het genoemd. Hierin komt mijn fascinatie voor de Duitse stahlhelm naar voren. Op de één of andere manier heb ik van jongs af aan de vormgeving van die helm altijd erg mooi gevonden. En daar ben ik de enige niet in. Als je de helmen van de brandweer in New York bekijkt zijn die vrijwel exact hetzelfde, maar dan met een extra flap aan de achterzijde. Want ook in de praktische zin heeft dit model zijn nut bewezen. Over smaak valt niet te twisten zegt men. Niet alles wat uit Duitsland kwam in die periode is wat mij betreft per definitie fout. Ik heb nog wel eens gekeken voor een origineel. Niet om te dragen uiteraard, maar voor in de kast. Ze zijn als “antiek” nog wel eens verkrijgbaar, maar wat mij betreft veel te duur. Onder de € 1.000,00 hoef je voor een beetje gaaf exemplaar niet te zoeken. Er zitten grenzen aan mijn liefde voor Duitse vormgeving. Uit welke periode dan ook.